Goed werk draagt bij aan geluk
Mihaly Csikszentmihalyi is de van oorsprong
Hongaarse s
chrijver van de managementbestseller Flow. De Amerikaanse
hoogleraar heeft het concept Flow bedacht en
gedurende vele jaren grondig bestudeerd. We hebben
dus niet te maken met de laatste hype of het
nieuwste new age begrip. Csikszentmihalyi heeft er
verschillende interessante boeken over geschreven
waaronder Flow (1990) en Finding Flow (1997). Zijn
nieuwe boek Good Business gaat over Flow en werk.
Goed werk geeft geluk
Veel mensen zien werk als een noodzakelijk kwaad. Maar
Csikszentmihalyi legt in dit boek uit dat werk het
vermogen heeft om veel meer bij te dragen aan
levensgeluk, dan materiële zaken. En omdat goed werk
zo belangrijk is, is het van vitaal belang dat we de
condities scheppen waarin goed werk kan
plaatsvinden. Dat klinkt interessant, maar wat is
dan goed werk?
De auteur definieert dit als ‘je beste doen en tegelijk
bijdragen aan één of ander hoger doel’. Ook legt hij
uit dat goed werk bereikt kan worden via twee
processen: 1) het ervaren van flow en 2) groei naar
complexiteit. Wat bedoelt de auteur hiermee?
1. Flow ervaren
In situaties van flow is het zo dat taken de volledige
aandacht en betrokkenheid van de persoon in beslag
nemen. In deze situaties is er een perfecte balans
tussen de uitdaging van de taak en de vaardigheden
van de persoon. Het zogeheten flowkanaal
vertegenwoordigt de optimale ervaring, waarbij zowel
de uitdagingen als de vaardigheden hoog zijn. Meer
uitdaging dat vaardigheden leidt tot opgewondenheid,
angst of zorgen. Meer vaardigheden dan uitdaging
leidt tot beheersing, ontspanning en uiteindelijk
verveling. Hier is geen ruimte voor een
gedetailleerde beschrijving van flow maar ik wil u
een korte beschrijving niet onthouden. Flow hangt af
van acht condities: 1) doelen zijn duidelijk, 2)
feedback is direct beschikbaar, 3) een balans tussen
taak en capaciteit, 4) concentratie verdiept zich,
5) het huidige moment is wat telt, 6) beheersing is
geen probleem, 7) de beleving van tijd is veranderd,
8) er is tijdelijk verlies van ego.
2. Groei naar complexiteit
Mensen bloeien volgens Csikszentmihalyi op wanneer er hun
activiteiten een traject van groei bevatten dat
resulteert in de ontwikkeling van toenemende
emotionele cognitieve en sociale complexiteit. Met
het optreden van complexiteit gebeuren er twee
dingen tegelijkertijd: a) Differentiatie: het besef
dat we unieke individuen zijn, verantwoordelijk voor
ons eigen overleven en welbevinden, b) integratie:
het besef dat, hoe uniek we ook zijn, we tegelijk
onderdeel van een groter geheel zijn.
Hoe zit het met geluk?
Het regelmatig ervaren van flow en tegelijkertijd groeien
richting complexiteit zijn ingrediënten van
goed werk.
Maar hoe zit het met geluk? Hoe kan het zijn dat
plezierige activiteiten, mooie producten en
ontspanning minder belangrijk zijn voor geluk dat
het harde werk van flow en complexiteit?
Plezier versus voldoening
Csikszentmihalyi plaatst plezier (pleasure) tegenover
voldoening (enjoyment). Hij legt uit dat plezier
prettig is maar ook conservatief en leidend tot
equilibrium terwijl voldoening meer een kwestie van
‘geluk in actie’ is en leidt tot grotere
vaardigheden. Voldoening leidt, in
Csikszentmihalyi’s woorden, tot een triomf over de
krachten van entropie en is te zien als het bouwen
van psychologisch kapitaal. Er jammer dat onze
materialistische en marketing gedomineerde cultuur
juist plezier meer waardeert dan voldoening, omdat
voldoening een grotere kans op lange termijn geluk
biedt.
Wat kunnen managers en medewerkers doen?
Leuke theorie maar wat kun je ermee? Managers en
medewerkers kunnen tamelijk veel doen om de
condities van flow en complexiteit te realiseren.
Dit boek geeft geen mooi puntenlijstje van hoe dat
dan moet maar als lezer kom je wel op ideeën.
Als manager zou ik de acht flow condities kunnen en
de twee complexiteitscondities als uitgangspunt
kunnen nemen en deze gebruiken om de kwaliteit van
het werk in het bedrijf te verbeteren. Ik zou onder
andere aantrekkelijke werkcondities kunnen scheppen
(met bijvoorbeeld duidelijke doelen en feedback), ik
zou een behoorlijke mate van autonomie kunnen
verschaffen om de ontwikkeling van medewerkers te
stimuleren en ik zou een organisatie met een lange
termijn doel kunnen bouwen. Ik zou verder een
dialoog met medewerkers kunnen opstarten over deze
flow en complexiteitscondities om werk te
verbeteren.
Medewerkers kunnen ook veel doen met deze uitgangspunten.
Als medewerker zou ik dingen kunnen ondernemen om
mijn objectieve werkomstandigheden te verbeteren. Ik
zou kunnen vragen (/onderhandelen) om duidelijkere
doelen en specifiekere en snellere feedback. Ik zou
kunnen onderhandelen over meer autonomie en
flexibiliteit in werkschema’s. Verder zou ik anders
kunnen gaan kijken naar mijn werk en wat ik daar van
verwacht. Als ik werkelijk geloof ik het belang van
flow en complexiteit dan zou ik de verleiding kunnen
weerstaan om de makkelijkste weg te nemen (mijn werk
doen met zo min mogelijk inspanning) en in plaats
daarvan meer aandacht kunnen besteden aan de
complexiteit van mijn taken. In termen van mijn
loopbaanontwikkeling zou ik denken over de vraag in
welke producten of diensten in werkelijk geloof en
van wat voor type organisatie ik werkelijk onderdeel
zou willen uitmaken.
Conclusie
Dit boek bevat een prachtig conceptueel raamwerk, is goed
geschreven en bevat goede voorbeelden. Het voorbeeld
dat mij het meest aansprak ging over de broer van de
auteur, Moricz. Deze vatte pas rond zijn tachtigste
levensjaar de hobby van het verzamelen en bestuderen
van kristallen op. Toen Mihaly een steen bekeek uit
Moricz' verzameling, zei die glimlachend:
"Ik was
gisteren nog naar dat ding aan het kijken. Het was
negen uur ‘‘s ochtends toen ik hem onder de
microscoop legde. Buiten was zonnig, net als
vandaag. Ik bleef de steen ronddraaien terwijl ik
keek naar alle kloven, de inkepingen, de tientallen
kristalformaties aan de binnenkant en eromheen….
Toen keek ik op en dacht dat er een storm aan zat te
komen want het was zo donker geworden…. Toen
realiseerde ik me dat niet de lucht was die aan het
betrekken was maar de zon die aan het ondergaan was
– het was na zevenen in de avond."
Ik vind dit een prima boek maar zou het nog beter hebben
gevonden als het nog iets praktischer was geweest.
Toch kan ik aanbevelen aan iedereen die de kwaliteit
van werk en loopbanen wil verbeteren.
Coert Visser
(coert.visser@planet.nl)
is een coach, consultant en trainer die werkt met de
positieve veranderaanpak oplossingsgericht werken.
Deze aanpak richt zich er eenvoudigweg op om
individuen, teams en organisaties te helpen om
vooruitgang te boeken in de richting van hun eigen
keuze. Coert heeft veel artikelen geschreven en
enkele boeken, waaronder het boek
Doen wat werkt, dat de GIDSprijs 2006
won. Ook interviewde hij baanbrekende denkers zoals
Insoo Kim Berg, Jeffrey Pfeffer en David Maister.
Meer informatie vindt u hier:
Trainings- en adviesbureau Oplossinggericht
Veranderen,
website NOAM,
website Solution-focused Change,
website Oplossingsgerichtmanagement,
http://solutionfocusedchange.blogspot.com
Dit artikel verscheen op managersonline.nl